WAAR WOONDEN DE LENSINK's EN WAAR KWAMEN ZE VANDAAN?

De oudste voorvader Arnoldus woonde in Duitsland, in het plaatsje Haren am Ems. (Bij Emmen 15 km. over de grens). Hoe het daar was is moeilijk te achterhalen, maar vermoedelijk hadden Arnoldus Lensingh en zijn 'huysvrouw' Margaretha Broen meer kinderen dan de vier die naar Nederland kwamen. Waaróm ze naar Nederland kwamen is alleen maar te raden. Het Duitse erfrecht in die tijd gaf alle bezittingen aan de oudste zoon; de anderen erfden niets. Daardoor zochten veel zonen hun heil elders om een bestaan op te bouwen. Het vermoeden is dat de oudste zoon en mogelijk ook nog een dochter, (om moeder te helpen) in Duitsland bleven. Vier kinderen: Maria, Helena, Joost en Jacob kwamen ongeveer in 1710 naar Amsterdam. Maria trouwt in 1714 in Amsterdam (haar ouders leven dan nog) Helena doet dat in 1720 (beide ouders zijn dan overleden), Joost en Jacob woonden aan de Nieuwe Zijds Achterburgwal. Zij trouwen beiden, maar Jacob zal er voor zorgen dat er een Amsterdamse tak ontstaat die voor veel nakomelingen zal zorgen.

Daarvoor trouwt onze Jacob met Helena Tiel in Amsterdam. Van haar krijgt hij twee zonen: Arnoldus waar niets over bekend is en Joost (Judocus) Lensinck/Lensen

Joost trouwde Bregje Waterhaelder in 1748. Omdat haar vader ingeschreven was als Poorter, verkreeg Joost een jaar later ook dat recht. Dat noemde men ingehuwd Poorter. Joost en Bregje woonden Buiten de Raampoort a/h/ Jan Hansjespad. Dat hoorde onder Amstelveen thuis. Vijf zonen en drie dochters kregen ze, waarvan het dopen, trouwen en begraven in Amsterdam plaats vond. Bij de vijf zonen zijn, op twee na, geen nakomelingen te vinden. Zoon Jacob trouwt en krijgt kinderen en kleinkinderen. Deze vertrekken uit Amsterdam en zijn helaas onvindbaar.

De andere is, gelukkig, onze stamvader Henricus Willebrordus.

Henricus woonde aan de Blomgragt (Bloemgracht) toen hij in 1789 trouwde met Wilhelmina Tepoel. Zij krijgen vier kinderen, waarvan maar één zoon, Johannes Baptista Lensink, geboren in 1796. Deze kinderen verlaten Amsterdam en trekken naar Austerlitz en Driebergen, waar zij zullen trouwen.

Johannes Baptista trouwt in 1817 met Antje Sluiter. Hij is van beroep wever en boerenknecht, maar later gaat hij werken als tapper 'in een herberg genaamd Londen'in Austerlitz (het latere Oud-London). Enige kinderen van hen vormden later een belangrijke tak: o.a.

Lodewijk trouwt met Maria Carré; zij is een kleinkind van de oprichter van Theater Carré. Lodewijks achterkleinkind is  de acteur Ton Lensink.

Johannes Baptista bracht een groot nageslacht voort; zelfs tot 'overzee' . Ik hoop dat op deze manier de 'droge' genealogie wat boeiender is geworden.

VERDERE WETENSWAARDIGHEDEN

        Peak Lensink

        Brief van Áustralian Antarctic Division (14 May 1999)

        The Northern Prince Charles mountains & the Lensink peak

        Elschot-Lensink relaties

Henk Lensink